Motorisch:
  • onhandig, veel struikelen/vallen, vaak stoten, dingen
    omgooien/laten vallen;
  • houterige motoriek;
  • op de tenen lopen;
  • moeite met/laat fietsen en zwemmen;
  • niet stil kunnen zitten;
  • zwakke fijne motoriek, moeilijk leesbaar handschrift,
    andere/verkrampte pengreep.
Fysiek/Houding:
  • bedplassen na het vijfde jaar;
  • wagenziek;
  • hoogtevrees;
  • allergie;
  • slecht slapen;
  • visuele problemen, hoofpijn bij lezen/tv kijken;
  • overgevoeligheid voor geluid, licht, bepaalde kleding
    (te strak, kriebelt, labels die irriteren)
  • hoofd ondersteunen tijdens schrijven, lezen etc.;
  • opvallende zithouding;
    – w-zit

    – op één of beide benen zitten
    – op de knieën zitten
    – benen om stoelpoten geklemd

    – in de stoel hangen, benen gestrekt
Leren:
  • automatiseren gaat moeizaam (leren lezen gaat traag, + en – sommen, tafels etc.);
  • moeite met concentreren;
  • spiegelen van cijfers en letters;
  • moeite met op de lijntjes schrijven en/of bij de
    kantlijn beginnen;
  • moeite met op de juiste regel blijven bij het lezen
    (leeswijzer/ bijwijzen met vinger is nodig);
  • moeite met overschrijven van het bord;
  • zwak ruimtelijk inzicht.
Sociaal emotioneel:
  • (faal)angstig;
  • erg verlegen, laag zelfbeeld;
  • zenuwachtig, schrikt snel;
  • boos, woede uitbarstingen;
  • prikkelgevoelig;
  • druk.

Kenmerken van storende reflexen kan een opvallende w-zit zithouding zijn.